binge

[Verenigde Staten]/bɪn(d)ʒ/
[Verenigd Koninkrijk]/bɪndʒ/
Frequentie: Zeer Hoog

Vertaling

n. een periode van overmatige verwenning in een activiteit, vooral eten of drinken; een uitspatting
vt. zich overgeven aan een activiteit, vooral eten of drinken, tot overmaat
vi. zich bezighouden met een periode van overmatige verwenning, vooral in eten of drinken
Word Forms
Pluralbinges
Past Tensebinged
Past Participlebinged
Third Person Singularbinges
Present Participlebingeing

Uitdrukkingen & Collocaties

binge eating

het compulsief eten

binge-watching

het achter elkaar in één keer kijken

binge-drinking

het achter elkaar in één keer drinken

binge drinking

bingedrinken

Voorbeeldzinnen

They went on a binge last night.

Ze gingen gisteravond op een binge.

an orgy of spending.See Synonyms at binge

een orgie van uitgaven. Zie Synoniemen bij binge

he went on a binge and was in no shape to drive.

Hij ging op een binge en was niet in staat om te rijden.

a shopping jag; a crying jag.See Synonyms at binge

een winkeluitsparing; een huiluitsparing. Zie Synoniemen bij binge

some dieters say they cannot help bingeing on chocolate.

Sommige diëters zeggen dat ze binge eten van chocolade niet kunnen helpen.

He went on a drunken binge when he heard the bad news.

Hij ging op een dronken binge toen hij het slechte nieuws hoorde.

But except for a shopping binge on the day after Thanksgiving, Americans remained tightfisted.

Maar behalve een winkeluitsparing op de dag na Thanksgiving, bleven Amerikanen krap bij kas.

Populaire Woorden

Ontdek vaak opgezochte woordenschat

Download de app om alle content te ontgrendelen

Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!

Download DictoGo nu