horsemanship

[US]/ˈhɔ:smənˌʃɪp/
[UK]/'hɔrsmən'ʃɪp/
Frequency: Very High

Translation

n. de vaardigheid van het rijden en trainen van paarden
Word Forms

Example Sentences

She has been practicing horsemanship for years.

Ze heeft jarenlang paardrijden geoefend.

His horsemanship skills are impressive.

Zijn paardrijvaardigheden zijn indrukwekkend.

The competition tests riders' horsemanship abilities.

De competitie test de paardrijvaardigheden van de deelnemers.

He is known for his excellent horsemanship.

Hij staat bekend om zijn uitstekende paardrijvaardigheid.

She demonstrated her horsemanship by effortlessly guiding the horse.

Ze demonstreerde haar paardrijvaardigheid door moeiteloos de paard te leiden.

Training in horsemanship requires patience and dedication.

Training in paardrijden vereist geduld en toewijding.

The camp offers classes in horsemanship for beginners.

Het kamp biedt paardrijlessen aan beginners.

He credits his success in the competition to his years of horsemanship training.

Hij schrijft zijn succes in de competitie toe aan zijn jarenlange paardrijtraining.

The ranch specializes in teaching horsemanship to riders of all levels.

De ranch is gespecialiseerd in het lesgeven van paardrijden aan ruiters van alle niveaus.

Horsemanship requires a strong bond between the rider and the horse.

Paardrijden vereist een sterke band tussen de ruiter en het paard.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now