plows

[US]/plaʊz/
[UK]/plaʊz/
Frequency: Very High

Translation

n.plural van ploeg; een sneeuwschuiver
v.derde persoon enkelvoud van ploegen; cultiveren; met moeite doorgaan

Phrases & Collocations

snow plows

sneeuwploegen

plows fields

ploegt velden

plows ahead

ploegt voort

plows through

ploegt doorheen

plows deep

ploegt diep

plows snow

ploegt sneeuw

plows furrows

ploegt voren

plows land

ploegt land

plows roads

ploegt wegen

plows winter

ploegt winter

Example Sentences

the farmer plows the field every spring.

de boer ploegt het veld elke lente.

she uses a tractor that plows efficiently.

ze gebruikt een tractor die efficiënt ploegt.

plows are essential for preparing the soil.

ploegen zijn essentieel voor het voorbereiden van de grond.

he plows through the snow to reach home.

hij ploegt door de sneeuw om thuis te komen.

the farmer's plows are well-maintained.

de ploegen van de boer worden goed onderhouden.

they plow the land to plant crops.

ze bewerken het land om gewassen te planten.

the plows left deep furrows in the earth.

de ploegen lieten diepe geulen in de aarde achter.

plows can be pulled by horses or tractors.

ploegen kunnen worden getrokken door paarden of tractoren.

he plows the garden every weekend.

hij ploegt de tuin elke week.

farmers often plow their fields at dawn.

boeren ploegen vaak hun velden bij zonsopgang.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now