preaches

[US]/priːtʃɪz/
[UK]/priːtʃɪz/
Frequency: Very High

Translation

v. een religieuze boodschap openbaar verkondigen of onderwijzen; iemand adviseren of aansporen om een bepaalde overtuiging of gedrag te volgen; een morele of religieuze lezing geven; een bepaald idee of doel bevorderen of promoten

Phrases & Collocations

preaches love

verkondigt liefde

preaches peace

verkondigt vrede

preaches kindness

verkondigt vriendelijkheid

preaches hope

verkondigt hoop

preaches truth

verkondigt waarheid

preaches faith

verkondigt geloof

preaches unity

verkondigt eenheid

preaches justice

verkondigt rechtvaardigheid

preaches humility

verkondigt nederigheid

preaches forgiveness

verkondigt vergeving

Example Sentences

the pastor preaches every sunday morning.

de predikant houdt elke zondagochtend een preek.

she preaches love and compassion to her students.

zij predikt liefde en compassie aan haar studenten.

the author preaches the importance of honesty in her book.

de auteur predikt het belang van eerlijkheid in haar boek.

he preaches about environmental conservation.

hij predikt over milieubescherming.

the coach preaches teamwork to his players.

de coach predikt teamwork aan zijn spelers.

she preaches patience as a virtue.

zij predikt geduld als een deugd.

the speaker preaches the benefits of a healthy lifestyle.

de spreker predikt de voordelen van een gezonde levensstijl.

he preaches forgiveness to help people heal.

hij predikt vergeving om mensen te helpen genezen.

the teacher preaches critical thinking in her classroom.

de docent predikt kritisch denken in haar klas.

she preaches the value of education to her children.

zij predikt de waarde van onderwijs aan haar kinderen.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now