shitting

[Verenigde Staten]/ˈʃɪtɪŋ/
[Verenigd Koninkrijk]/ˈʃɪtɪŋ/
Frequentie: Zeer Hoog

Vertaling

v. de tegenwoordige deelwoord van "shit"; ontlasten; iets (met feces) vuil maken; plagen of bespotten; bedriegen

Uitdrukkingen & Collocaties

shitting bricks

het hebben van angst

shitting oneself

het hebben van angst

shitting around

doen alsof

shitting me

ik kan het niet geloven

shitting luck

geluk hebben

shitting out

uitpoepen

shitting fit

boos zijn

shitting story

onzinverhaal

shitting life

het leven verpesten

shitting time

tijd verspillen

Voorbeeldzinnen

he was shitting himself with fear.

hij was doodsbang.

stop shitting around and get to work.

stop met gezeur en ga aan het werk.

she found him shitting on the sidewalk.

zij vond hem op de stoep poepen.

they were shitting bricks during the exam.

ze waren doodnerveus tijdens het examen.

he was shitting his pants when he saw the ghost.

hij was zijn broek vol als hij de geest zag.

stop shitting on my ideas.

stop mijn ideeën af te kraken.

she was shitting her brains out after eating that food.

ze was helemaal gek na het eten van dat eten.

he keeps shitting on everyone else's plans.

hij maakt steeds de plannen van anderen kapot.

don't come in here shitting all over the place.

kom hier niet rond te lopen en alles kapot te maken.

he was shitting gold with his new business.

hij verdiende goud met zijn nieuwe bedrijf.

Populaire Woorden

Ontdek vaak opgezochte woordenschat

Download de app om alle content te ontgrendelen

Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!

Download DictoGo nu