shoeless

[US]/'ʃʊlɪs/
Frequency: Very High

Translation

adj. zonder schoenen; zonder hoefijzers

Example Sentences

She walked shoeless on the sandy beach.

Ze liep zonder schoenen over het zandstrand.

The shoeless child played happily in the grass.

Het kind zonder schoenen speelde vrolijk in het gras.

He felt the cold floor beneath his shoeless feet.

Hij voelde de koude vloer onder zijn voeten zonder schoenen.

The shoeless man sat on the park bench.

De man zonder schoenen zat op de parkbank.

She danced shoeless at the music festival.

Ze danste zonder schoenen op het muziekfestival.

The shoeless hiker enjoyed the feeling of the grass under his feet.

De wandelaar zonder schoenen genoot van het gevoel van het gras onder zijn voeten.

The shoeless runner sprinted down the track.

De loper zonder schoenen sprintte de baan af.

The shoeless woman felt the warm sand between her toes.

De vrouw zonder schoenen voelde het warme zand tussen haar tenen.

He wandered around the house shoeless.

Hij dwaalde zonder schoenen rond door het huis.

The shoeless dancer moved gracefully across the stage.

De danser zonder schoenen bewoog sierlijk over het podium.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now