surfeit

[US]/ˈsɜːfɪt/
[UK]/ˈsɜːrfɪt/
Frequency: Very High

Translation

n. overmatige hoeveelheid of kwantiteit, vooral in termen van voedsel en drank
vt. overmatig eten of consumeren
vi. moe of misselijk worden door overdaad
Word Forms
Pluralsurfeits
Present Participlesurfeiting
Third Person Singularsurfeits
Past Participlesurfeited
Past Tensesurfeited

Example Sentences

a surfeit of complaints

een overschot aan klachten

a surfeit of food and drink.

een overschot aan eten en drinken.

surfeit oneself with meat

zichzelf vol eten met vlees

a surfeit of rich food

een overschot aan rijk eten

be surfeited with pleasure

oververzadigd raken van plezier

I am surfeited with shopping.

Ik ben verzadigd met winkelen.

I surfeited myself with chocolate.

Ik heb mezelf volgegeten met chocolade.

he never surfeited on rich wine.

hij raakte nooit verzadigd van rijke wijn.

A surfeit of food makes one sick.

Een overschot aan eten maakt iemand ziek.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now