teams

[US]/tiːmz/
[UK]/tiːmz/

Translation

v. derde persoon enkelvoud van team; om samen te werken, om span paarden aan te spannen, of om een paar te vormen
n. meervoud van team; groepen die deelnemen aan wedstrijden of samenwerken

Phrases & Collocations

teams work

teams werken

support teams

support teams

teams compete

teams strijden

teams win

teams winnen

teams gather

teams verzamelen

teams perform

teams presteren

teams collaborate

teams werken samen

teams succeed

teams slagen

teams improve

teams verbeteren

teams unite

teams verenigen

Example Sentences

our sales teams exceeded their quarterly goals.

onze verkoopteams hebben hun doelstellingen voor het kwartaal overtroffen.

the project teams are collaborating effectively.

de projectteams werken effectief samen.

we need to build stronger teams across departments.

we moeten sterkere teams over verschillende afdelingen opbouwen.

the winning teams celebrated their victory.

de winnende teams vierden hun overwinning.

several teams are competing in the tournament.

meerdere teams nemen deel aan het toernooi.

the management teams will review the proposal.

de managementteams zullen het voorstel bekijken.

we are restructuring our teams for better efficiency.

we reorganiseren onze teams voor betere efficiëntie.

the support teams provided excellent customer service.

de supportteams boden uitstekende klantenservice.

we are assigning tasks to different teams.

we wijzen taken toe aan verschillende teams.

the research teams are analyzing the data.

de onderzoeksteams analyseren de gegevens.

the marketing teams launched a new campaign.

de marketingteams lanceerden een nieuwe campagne.

we value the dedication of our teams.

we waarderen de toewijding van onze teams.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now