ganged up
samen gewerkt
ganged together
samen gewerkt
ganged against
tegen elkaar gewerkt
ganged around
rond elkaar gewerkt
ganged off
afgezakt
ganged up on
samen tegen
ganged in
meegekomen
ganged out
weggelopen
ganged out of
uitgeschakeld
ganged along
meegegaan
the kids ganged up on the new student during recess.
De kinderen werkten samen om de nieuwe leerling lastig te vallen tijdens de pauze.
the thieves ganged together to rob the bank.
De dieven werkten samen om de bank te beroven.
they ganged up against their rival team.
Ze werkten samen tegen hun rivaliserende team.
the protesters ganged together to voice their concerns.
De demonstranten werkten samen om hun bezorgdheid te uiten.
he felt hurt when his friends ganged up on him.
Hij voelde zich gekwetst toen zijn vrienden hem lastig vielen.
they ganged up to support their favorite candidate.
Ze werkten samen om hun favoriete kandidaat te steunen.
the children ganged up to build a fort in the backyard.
De kinderen werkten samen om een fort in de achtertuin te bouwen.
during the meeting, several members ganged up against the proposal.
Tijdens de vergadering werkten verschillende leden samen tegen het voorstel.
the players ganged up to win the championship.
De spelers werkten samen om het kampioenschap te winnen.
they ganged up for a charity event to help the community.
Ze werkten samen voor een goeddoelsevenement om de gemeenschap te helpen.
ganged up
samen gewerkt
ganged together
samen gewerkt
ganged against
tegen elkaar gewerkt
ganged around
rond elkaar gewerkt
ganged off
afgezakt
ganged up on
samen tegen
ganged in
meegekomen
ganged out
weggelopen
ganged out of
uitgeschakeld
ganged along
meegegaan
the kids ganged up on the new student during recess.
De kinderen werkten samen om de nieuwe leerling lastig te vallen tijdens de pauze.
the thieves ganged together to rob the bank.
De dieven werkten samen om de bank te beroven.
they ganged up against their rival team.
Ze werkten samen tegen hun rivaliserende team.
the protesters ganged together to voice their concerns.
De demonstranten werkten samen om hun bezorgdheid te uiten.
he felt hurt when his friends ganged up on him.
Hij voelde zich gekwetst toen zijn vrienden hem lastig vielen.
they ganged up to support their favorite candidate.
Ze werkten samen om hun favoriete kandidaat te steunen.
the children ganged up to build a fort in the backyard.
De kinderen werkten samen om een fort in de achtertuin te bouwen.
during the meeting, several members ganged up against the proposal.
Tijdens de vergadering werkten verschillende leden samen tegen het voorstel.
the players ganged up to win the championship.
De spelers werkten samen om het kampioenschap te winnen.
they ganged up for a charity event to help the community.
Ze werkten samen voor een goeddoelsevenement om de gemeenschap te helpen.
Ontdek vaak opgezochte woordenschat
Wil je efficiënter woordenschat leren? Download de DictoGo-app en profiteer van meer functies voor het onthouden en herhalen van woordenschat!
Download DictoGo nu