gnaws

[US]/nɔːz/
[UK]/nɔz/
Frequency: Very High

Translation

v. iets volhardend bijten of kauwen; aanhoudend leed of kwelling veroorzaken; iets geleidelijk verzwakken of beschadigen

Phrases & Collocations

gnaws at

knabbelt aan

gnaws away

knabbelt weg

gnaws inside

knabbelt van binnen

gnaws deeply

knabbelt diep

gnaws relentlessly

knabbelt meedogenloos

gnaws slowly

knabbelt langzaam

gnaws quietly

knabbelt rustig

gnaws persistently

knabbelt aanhoudend

gnaws away at

knabbelt weg bij

gnaws on

knabbelt aan

Example Sentences

the worry gnaws at her mind day and night.

de zorgen knagen aan haar gedachten dag en nacht.

he gnaws on his pencil while thinking.

hij knaagt aan zijn potlood terwijl hij nadenkt.

the pain gnaws at him, making it hard to concentrate.

de pijn knaagt aan hem, waardoor het moeilijk is om te concentreren.

fear gnaws at her confidence before the big presentation.

angst knaagt aan haar zelfvertrouwen voor de grote presentatie.

he feels a sense of regret that gnaws at him.

hij voelt een gevoel van spijt dat aan hem knaagt.

loneliness gnaws at the edges of his happiness.

eenzaamheid knaagt aan de randen van zijn geluk.

the dog gnaws at its bone for hours.

de hond knaagt urenlang aan zijn bot.

old grudges can gnaw at relationships over time.

oude wrok kan relaties over tijd heen knagen.

the question gnaws at him, demanding an answer.

de vraag knaagt aan hem en eist een antwoord.

she gnaws her lip when she is anxious.

ze knaagt aan haar lip als ze nerveus is.

Popular Words

Explore frequently searched vocabulary

Download App to Unlock Full Content

Want to learn vocabulary more efficiently? Download the DictoGo app and enjoy more vocabulary memorization and review features!

Download DictoGo Now